Ooievaars zonder grenzen
     > Ooievaar > Voortplanting
Voortplanting
Voortplanting
Voortplanting, nestbouw en ouderzorg


Hoewel 2-jarige vogels zich soms met succes kunnen voortplanten, zijn ooievaars normaal pas geslachtsrijp als ze 3 jaar oud zijn. Het nest bevindt zich altijd op een plek die gemakkelijk bereikbaar is en van waaruit de vogels een wijds uitzicht hebben.

                           Foto: K. Struyf


 

Hoewel het vroeger vooral gebouwd werd op een dakrand, een schoorsteen of in een boomtop, vindt men tegenwoordig ook heel wat nesten op electriciteitspalen. De basis bestaat uit grote takken en twijgen. De binnenzijde wordt bekleed met graszoden enallerlei fijn plantenmateriaal. Afhankelijk van de broedplaats bekleden de vogels het nest ook met andere en vreemdere materialen, zoals stalmest, plastiek, papier en vodden. Gemiddeld heeft het nest een diameter van 1,5 m. Oudere vogels nemen meestal het nest van het vorige jaar opnieuw in gebruik. Jonge mannetjes starten met de bouw van een nieuw nest. Het nest en de onmiddelijke omgeving worden vaak zeer hevig verdedigd tegen indringers. In principe zijn ooievaars geen kolonievogels. Soms - op uitzonderlijk goede nestplaatsen - maken meerdere paren hun nest in elkaars buurt.

Zo kan je op sommige ruïnes in Spanje tot 30 nesten bij elkaar aantreffen! Ooievaars zijn vrij trouwe partners.

Meestal komt het mannetje enkele dagen vroeger dan het vrouwtje terug in het broedgebied aan. Maar als zijn partner langere tijd op zich laat wachten, aanvaardt hij soms een ander vrouwtje op het nest. Op het ogenblik dat de vroegere partner terug aankomt, kan dit tot heel wat geruzie aanleiding geven. In de meeste gevallen neemt de vroegere partner toch terug haar plaats in.

Ooievaars blijken trouw te zijn aan het nest en bouwen soms vele opeenvolgende jaren op eenzelfde plaats verder. Oude nesten kunnen 2,5 m hoog worden en tot 2 ton zwaar wegen!

Ooievaars leggen 3 tot 5 eieren. De broedduur bedraagt 33 dagen. Ooievaars beginnen vanaf het eerste ei te broeden waardoor de jongen met tussenpozen van één of twee dagen uitkomen. Zo ontstaat een belangrijk grootteverschil tussen het oudste en jongste nestjong. Bij voedselschaarste zullen enkel de sterkste jongen voldoende voedsel kunnen bemachtigen. De kleinste en zwakste jongen sterven. Gedurende de eerste weken zijn de jongen nog klein en enkel met dons bekleed. Er blijft dan steeds afwisselend één van de ouders bij het nest. Bij koud of nat weer zit die neer om de jongen warm te houden. Als de zon fel schijnt staat de oudervogel recht om met zijn schaduw voor wat verkoeling te zorgen.




Foto: K. Struyf

Bij aankomst op het nest braken de volwassen vogels het meegebrachte voedsel uit in de nestkom. De jongen pikken het daar gewoon op. Bij erg warm weer dragen de ooievaars ook water naar het nest. De dorstige jongen pikken dan tegen de krop van de ouder die daarop reageert met water uit te spuwen.

Bij de geboorte weegt een ooievaar ongeveer 60 g. Opvallend zijn de dikke korte grijs-roze pootjes en de korte, zwarte snavel. Na 3 weken is het lichaamsgewicht al opgelopen tot 1,5 kg. De jongen eten dan meer dan een halve kg per dag en komen dagelijks 200 g bij! Na 6 weken hebben ze hun maximaal gewicht bereikt.


 
Foto's: K. Struyf

Op dat ogenblik beginnen ze hun vliegspieren volop te oefenen en staan dan vaak - aanvankelijk nogal wat onhandig - op het nest met de vleugels te wapperen. Dankzij de oefeningen komen de vliegspieren goed tot ontwikkeling en verliezen de jongen ook wat van hun gewicht, zodat ze na twee maanden voor het eerst het luchtruim kunnen kiezen. Soms eindigt die eerste vlucht in een hals-over-kop landing op de grond of gaat het in kamikazestijl tussen de boomtakken door naar beneden. De jongen leren echter snel bij en kunnen enkele dagen later al perfect terugvliegen naar het nest. Daar laten ze zich nog twee weken na het uitvliegen voederen door de ouders.

In de daarop volgende weken brengen alle vogels (zowel jonge als volwassen) veel tijd door met het onderhoud van de veren en met vliegen. Alsof ze zich voorbereiden op de naderende trek. En op een bepaalde zomerse dag zweven ze de hoogte in, als begin van de lange reis naar het zuiden…